Alle kerken

Gertrudiskathedraal

Geschiedenis en gebouw

gesloten.

Van schuilkerk tot kathedraal

Na de ReformatieGodsdienstige beweging in de 16e eeuw die de rooms-katholieke kerk wilde hervormen en de oorspronkelijke zuiverheid in leer en gebruiken van de christelijke kerk wilde herstellen. Dit mondde uit in de vorming van andere kerkgemeenschappen. in de 16e eeuw waren onder andere de katholieken genoodzaakt hun geloof in het geheim te belijden. De voormalige parochieZelfstandige kerkelijke gemeente onder een pastoor. van de Geertekerk betrok in 1634 een middeleeuws woonhuis en richtte dit in als schuilkerk.

De Gertrudiskapel werd na het het schisma met de Rooms-Katholieke Kerk in 1723 verkozen tot hoofdkerk van de oud-katholieken

Foto Andre Russcher van GertrudiskapelHet huidige uiterlijk van deze Gertrudiskapel kwam voornamelijk tot stand tijdens de  verbouwing van 1697. De vloeren van het huis werden doorgebroken, waardoor galerijen ontstonden. Het barokke altaar, de beelden en de schilderingen vormen een samenhangend geheel. Veel van de schilderijen zijn afkomstig uit het atelier van de Utrechtse schildersfamilie Bloemaert. De Gertrudiskapel werd na het het schisma met de Rooms-Katholieke Kerk in 1723 verkozen tot hoofdkerk van de oud-katholieken.

In de 19e eeuw werden de muren van de kerk wit en goud geschilderd. Tijdens de grote restauratie van 1991-93 ontdekte men echter dat de wanden waarschijnlijk groen waren geweest. Vanwege de hoge kosten, maar ook ter behoud van de bouwgeschiedenis, werd besloten om alleen de westwand in de oude staat te herstellen.

Nadat de parochie aan het begin van de 20e eeuw naar de nieuwe Ste. Gertrudiskathedraal verhuisde, raakte de kapel buiten gebruik. Momenteel maakt de voormalige schuilkerkEen van de buitenkant niet als zodanig herkenbare kerk, waar door de burgerlijke overheid verboden geloofsgemeenschappen (in het geheim) samenkwamen. Aanvankelijk kwam men meestal samen in particuliere woningen, schuren en stallen (ca. 1580-1650). Later werd het stichten of verbouwen van kerkruimten oogluikend toegestaan door de lokale overheden. deel uit van het zalencomplex ‘In de Driehoek’, dat is af te huren voor vergaderingen en andere bijeenkomsten. Tijdens het Kerken Kijken-seizoen kunnen bezoekers de bijzondere kapel onder begeleiding van een gids bezoeken.

De bouw van de Ste. Gertrudiskathedraal

Interieur Ste GertrudisNaast de Gertrudiskapel werd tussen 1912 en 1914 de Ste. Gertrudiskathedraal gebouwd naar ontwerp van E.G. Wentink. De kerk werd gebouwd in neoromaanse stijl. Dit was als eerbetoon aan de gesloopte romaanse Mariakerk. Met de neoromaanse bouwstijl wilden de oud-katholieken zich ook duidelijk onderscheiden van de rooms-katholieken, die veelal de neogotiek gebruikten voor hun kerkgebouwen.

De Ste. Gertrudiskathedraal is een basiliekBij de Romeinen een overdekte hal, meestal een rechthoekige zaal die door rijen zuilen in drie of meer stroken (beuken of schepen genoemd) werd verdeeld. Dit model werd door christenen overgenomen voor hun kerkenbouw. Het middenschip werd hoger en breder gemaakt dan de zijbeuken, zodat het bovenlicht kon ontvangen door hoog geplaatste vensters. met een tweetorenfront. De kerk is bekleed met baksteen en natuursteen, het middenschip is bedekt met een houten tongewelf. Er zijn veel bouwelementen ontleend aan de Mariakerk, zoals de vierkante torens, de drie ingangen en de rondgewelfde toegangspoorten en ramen. Maar er werd ook veel naar internationale voorbeelden gekeken. Zo vertonen de torens overeenkomsten met die van de kerk in het Franse Puissalicon. De muurschilderingen in de triomfbogen zien we terug in de San Apollinare in Classe in Ravenna. Ook veel interieurstukken kennen internationale voorbeelden, zoals het smeedijzeren hek van de doopkapel (San Praxede, Rome), de lichtkronen in het schip (de Dom, Aken) en de communiebank (San Apre, Toscane).

Een enorme reliekschat

In de 16e eeuw plunderden de protestanten veel katholieke kerken leeg. De katholieken probeerden hun kerkschatten te redden door ze te verstoppen in huizen of in andere steden, zoals bijvoorbeeld Keulen. Aan sommige oude relieken is te zien dat de redding soms nipt was. Ze zijn beschadigd, zwartgeblakerd en/of missen hun dure reliekhouders. Door de gehaaste reddingsacties is er vaak geen boekhouding bijgehouden en is veel informatie verloren gegaan.

De verzameling relieken in Utrecht bevat topstukken zoals de wurgdoek van Cunera (4e eeuw n. Chr.)

Toen de rust was wedergekeerd kwamen de relieken uit verschillende kerken in Nederland terug naar de bisschopsstad Utrecht. Ze werden bewaard in de Gertrudiskapel. Uiteindelijk ging deze reliekschat alsnog verloren voor de Rooms-Katholieke Kerk toen de Gertrudiskapel zich afscheidde en verder ging als Oud-Katholieke Kerk. De oud-katholieken leggen minder nadruk op heiligenverering, waardoor de relieken grotendeels hun functie verloren.

In 2011 heeft kunsthistorica Anique de Kruijf haar onderzoek naar deze relieken afgerond. Ze heeft alle relieken onderzocht en in kaart gebracht. De verzameling bevat topstukken zoals de wurgdoek van Cunera (4e eeuw n. Chr.). Sommige relieken zijn in bruikleen gegeven aan Museum Catharijneconvent en ook in de Ste. Gertrudiskathedraal zijn een aantal relieken te bewonderen.

De Ste. Gertrudiskathedraal vandaag de dag

De Ste. Gertrudiskathedraal is nog altijd de hoofdkerk van de oud-katholieke gemeenschap. De drie Utrechtse parochies, St. Jacobus, St. Marie en Ste. Gertrudis, zijn in 1986 samen gegaan.

In de kerk worden nog steeds diensten gehouden en verschillende activiteiten georganiseerd. Aan de linkerzijde van de kerk is het complex ‘In de Driehoek’ gebouwd, waar ook de Gertrudiskapel deel van uitmaakt. Deze ruimtes bieden een centrum voor bijeenkomsten van de parochie, maar ook voor andere huurders.

 

Interieur

Het interieur van de Ste. Gertrudiskathedraal bevat een rijkdom aan kerkschatten. Wat meteen in het oog springt zijn de vele kleuren die in het interieur zijn toegepast. De kleurrijke muurschilderingen, mozaïeken, vloeren en ramen maken het interieur van de Ste. Gertrudiskathedraal uniek.

De kleurrijke muurschilderingen, mozaïeken, vloeren en ramen maken het interieur van de Ste. Gertrudiskathedraal uniek

Symboliek Ste GertrudisNaar middeleeuws voorbeeld bevat de kerk veel symboliek. De wanden zijn gepleisterd en voorzien van muurschilderingen van A. Federlee uit Kleef. Ze bevatten veel geometrische en christelijke motieven. Ook het mozaïek boven de hoofdingang is van Federlee. Het toont Christus als pantokrator (de allesbeheerser) en de heiligen Willibrordus en Gertrudis.

Het gewelfEen gebogen metselwerkconstructie die een ruimte overspant. Een gewelf bestaat uit stenen die zijdelings zo tegen elkaar steunen, dat in de hele constructie uitsluitend drukkrachten optreden. De naar buiten gerichte krachten moeten worden opgevangen, bijvoorbeeld door steunberen of luchtbogen. Er zijn allerlei soorten gewelven, zoals het tongewelf en het kruisgewelf. van het middenschip bevat een grote schildering van Christus als goede herder, omgeven door zijn kudde. De schilderingen in de rechterzijbeuk zijn voornamelijk geïnspireerd op het geloof en de eucharistieVan het Griekse eucharistia: het danken. De eucharistie is de belangrijkste rooms-katholieke plechtigheid, die terug gaat op het Laatste Avondmaal. Met geconsecreerd brood en wijn wordt het kruisoffer van Christus herdacht. . De linkerzijbeuk met het Maria-altaar is voornamelijk gewijd aan het leven van Maria.

In de kerk hangen ook veel schilderijen van voorname 16e- en 17e-eeuwse Utrechtse meesters, zoals Abraham en Hendrik Bloemaert en Jan van Bijlert. De schilderijen zijn afkomstig uit de schuilkerkenEen van de buitenkant niet als zodanig herkenbare kerk, waar door de burgerlijke overheid verboden geloofsgemeenschappen (in het geheim) samenkwamen. Aanvankelijk kwam men meestal samen in particuliere woningen, schuren en stallen (ca. 1580-1650). Later werd het stichten of verbouwen van kerkruimten oogluikend toegestaan door de lokale overheden. van St. Jacobus, St. Maria Minor en St. Gertrudis.

In de rechterzijbeuk staat een beeld van de heilige Gertrudis. Het is gemaakt in 1860 in België. De heilige Gertrudis (626-659) was een abdis uit het Belgische Nijvel. Zij kon zo geconcentreerd bidden dat ze het volgens de overlevering niet merkte wanneer er een muis langs haar staf omhoog klom. Daarom is zij afgebeeld met een staf en een muis. Een muis staat ook wel symbool voor de afweer van het kwaad.

In de linkerzijbeuk bevindt zich het Maria-altaar. Het beeld van Maria met het Christuskind is afkomstig uit de Buurkerk en is gemaakt door Adriaan van Wezel in 1470. Het beeld heeft de BeeldenstormDe grootschalige vernieling van religieuze kunst en liturgische voorwerpen, uit onvrede over bepaalde praktijken en uitwassen binnen het rooms-katholieke geloof. In 1566 en 1580 trof de Beeldenstorm vele kerken in Nederland. overleefd, omdat het op tijd werd verstopt. Het bevindt zich sinds 1989 in de Ste. Gertrudiskathedraal. De schildering achter het Maria-altaar toont de Domkerk en de Ste. Gertrudiskathedraal, met daarachter de zee met schepen en een sterrenhemel. Door een foutieve vertaling uit het Latijn werd Maria soms ook wel ‘sterre der zee’ genoemd (de Hebreeuwse naam van Maria, Maryam, betekent in het Latijn Stilla Maris, ofwel ‘druppel der zee’, in plaats van Stella Maris ‘sterre der zee’).

De glas-in-loodramen rond het hoogkoorKoor, of gedeelte van het koor, dat enige treden boven het niveau van de rest van de kerk ligt. zijn vervaardigd door Max Weiss in 1963. Zij verbeelden de vier vaste gezangen uit de eucharistieviering. Het middelste roosvenster toont de Majesteits Gods met symbolen die zijn heerlijkheid uitdrukken: het kruis, de kroon, het zwaard van gerechtigheid en de herdersstaf van goddelijke genade.

Bijzondere versieringen

Documentenkist

Documentkist GertrudisIn de noordelijke zijbeuk, onder het beeld van Sint Maarten, de patroon van de stad Utrecht en het bisdom, vindt u de fraaie ijzeren kist die nieuwsgierig maakt.

Het is een geld- en documentenkist uit het midden van de zestiende eeuw, met een ingenieus slot en prachtige originele miniaturen die de vakken vullen. De kist staat op een houten sokkel, vervaardigd door een parochiane.

Daarop is te lezen dat de kist te maken heeft met het Collegium pastorum Ultrajectensium, in 1646 in het geheim opgericht door bisschop Philippus Rovenius. Hij bracht in de stad de pastoors bijeen van de vier staties, de opvolgers van de vroegere parochiekerkenKerkgebouw van een zelfstandige kerkgemeenschap, die geleid wordt door een pastoor. , om de zielzorg beter te organiseren nu het aantal gelovigen sterk toenam.

De kist is ingebracht door pastoor Faber, afkomstig uit een gegoede Friese familie. Hij werd binnen het collegium de eerste rendant (rentmeester) en de kist is in later tijd, vanaf 1740, steeds meeverhuisd naar zijn opvolgers in deze functie. Het collegium bestaat nog en de (lege) kist heeft hier een eervolle vaste plek gevonden.

Preekstoel

Preekstoel Ste GertrudisDe preekstoel is ontworpen door H.J Koenen, opzichter bij de bouw van de kerk. De uitvoering werd op 
22 mei opgedragen aan J. Polet te Amsterdam voor een bedrag van 1328 gulden.

De preekstoel is in dezelfde stijl als de communiebank en uitgevoerd in steen en marmer (Belgisch blauw), dezelfde marmersoort is ook voor het hoogaltaar gebruikt.

 

 

 

 

 

Doopvont

De doopkapel van de oud-katholieke kathedrale kerk van Sinte Gertrudis is gelegen aan de westzijde van de kerk bij de ingang. Deze situering vertelt ons dat wij door de Doop worden opgenomen in de gemeenschap van de kerk.

Het marmeren bekken van de doopvont is Italiaans werk uit het begin van de 18de eeuw

Het mDoopvont Gertrudiskathedraalarmeren bekken van de doopvont is Italiaans werk uit het begin van de 18de eeuw. Het voetstuk en het deksel zijn uit hout vervaardigd en prachtig gemarmerd met witte en zwarte aderingen, die gelijk zijn aan die van het vieringaltaar voorin de kerk. Dit om aan te geven dat Doop en Eucharistie als de voornaamste sacramenten bij elkaar horen. Op de wand van de doopkapel staat een voorstelling van de Ark van Noach, als symbool van de Doop die de zielen óók door het water redt.

De vont is afkomstig uit de voormalige schuilkerkEen van de buitenkant niet als zodanig herkenbare kerk, waar door de burgerlijke overheid verboden geloofsgemeenschappen (in het geheim) samenkwamen. Aanvankelijk kwam men meestal samen in particuliere woningen, schuren en stallen (ca. 1580-1650). Later werd het stichten of verbouwen van kerkruimten oogluikend toegestaan door de lokale overheden. van Sinte Gertrudis. Ook daar was de vont aan de westzijde van de kerk geplaatst dicht bij de ingang. In een medaillon boven het toegangshek van deze doopkapel zien we de spreuk: 'Wie gelooft en gedoopt wordt zal zalig worden'. Bijzonder zijn ook de twee doopschilderijen die aan weerszijden van de doopkapel zijn aangebracht. Zij geven de doop weer van resp. de Romeinse hoofdman en van de Ethiopiër, beiden uit de Bijbelse verhalen.

Orgel

Orgel Ste GertrudisToen de parochie van de Gertrudiskapel naar de nieuwe Ste. Gertrudiskathedraal verhuisde, nam zij het orgel mee. Het Witte-orgel dateerde uit 1884 en is in 1968 vervangen door het huidige orgel van de firma K.B. Blank en Zonen. Het houtsnijwerk is van de hand van Jeanot Bürgi en stelt de schepping voor.

Onder het orgel staan de beelden van de patroonheiligen van de Nederlandse katholieke kerk, St. Willibrord en St. Bonifatius. De beelden dateren uit de 17e eeuw en werden gemaakt voor de Utrechtse Jacobuskerk (Prins Bernhardplein 39). Boven de beelden zijn twee muurschilderingen te zien. Ze verbeelden koning David met zijn harp en de martelares Caecilia met een orgeltje. Zij zijn de patroonheiligen van de (kerk)muziek.

 

 

Klokken

In deze oud-katholieke St. Gertrudis kathedraal hangt een driegelui dat deels in 1954 (de twee grootste klokken) door Petit & Fritsen vervaardigd werd. Een derde, kleinere klok (Johannes) kwam in 1989 uit de gieterij van Eijsbouts, en werd datzelfde jaar gewijd door pastoor Van Ditmarsch.

Gewicht klokken:

  • Andreas, 92 cm, 485 kg.
  • Willibrord, 77 cm, 280 kg.
  • Johannes, 69 cm, 200 kg.

Teksten klokken:

  • Tekst Andreas: Andreas, tot hem die mij als eerste riep, roep ik allen die mij horen.
    Deze klok was een schenking van de toenmalige aartsbisschop van Utrecht, mgr. Andreas Rinkel.
  • Tekst Willibrord: Willibrord is de naam mij gegeven, ons volk riep ik om Go(e)de te leven.
  • Tekst Johannes: Oude Rooms-Katholieke Aalmoezenierskamer en de Vrienden van de Kathedrale Kerk schonken mij (vertaling bij benadering).

 

Klokgelui

Gertrudiskathedraal 

 Ste Gertrudis exterieur

Verder staat binnen in de St. Gertrudis de oude luidklok opgesteld die uit de rond 1990 gesloten oud-katholieke Jacobuskerk in de Bemuurde Weerd (Utrecht) is gekomen. Ze werd in 1871 door Rencker & De Block, een bronsgieterij in de omgeving van de Jacobuskerk vervaardigd. Ze meet ca. 55 cm in doorsnede en weegt ongeveer 100 kg. Ze klinkt niet met een zuivere toon, maar haar makers waren dan ook geen echte klokkengieters. Rencker & De Block was een koper- en metaalgieterij en -draaierij aan de Lauwerecht, gespecialiseerd in brandspuiten, gaslantaarns en verlichting voor treinen en trams.
Naast gietersnaam en gietjaar, worden de namen van de kerk (ST. JACOBUS) en de toenmalige pastoor (G A HARDERWIJK) op de klok vermeld.

Literatuur

- Hulzen, A. van, Utrechtse kerken en kerkgebouwen, Baarn 1985.
- Hoogevest, C.C. van, ‘De schuilkerk van St. Gertrudis’ in: Maandblad Oud-Utrecht 64 (1991) nr.
7/8. pp. 70-73.
- Onder redactie van Peter van de Coolwijk, Gerrit-Jan Kraaij, Biem Lap, Leny Noordermeer, Nel
van de Ridder, Geo Rodermond, Ben van Spanje en Ton Tamse. In de ban van de kerk. 25 jaar
Kerken Kijken Utrecht, Utrecht 2007.
- Kruijf, A.C. de, Stof zijt gij… Een deelinventarisatie van de reliekschat van de Oud-Katholieke
Gertrudiskathedraal te Utrecht, Utrecht 2008.
- Teuwissen, L., ‘Enorme reliekschat in kaart gebracht’ in: NOS Nieuws, 24 maart 2011.
(…) ‘De kathedrale kerk van Sinte Gertrudis’ in: Oud-Katholiek Utrecht, maart 2011.
Kruijf, A.C. de, Miraculeus bewaard, middeleeuwse Utrechtse relieken op reis: de schat van de
Oud-Katholieke Gertrudiskathedraal, Zutphen 2011.

Tekst: Marieke Lenferink en Lisa Olrichs
Fotografie: Maarten Buruma en André Russcher (kapel)