Al in de jaren dertig van de 16e eeuw kwamen er wederdopers of doopsgezinden in Utrecht voor. Omdat zij er radicale ideeën op na hielden werden zij streng vervolgd. Later werden zij gematigder. In de 18e eeuw was de openbare uitoefening van hun godsdienst nog steeds verboden, evenals die van de andere niet-calvinistische, protestantse groeperingen en de katholieken, maar dat werd wel getolereerd. Daarom werden de schuilkerken geleidelijk aan iets minder onopvallend. In 1772/73 werd de huidige Doopsgezinde Kerk aan de Oude Gracht 270 gebouwd. Hier stond brouwerij De Witte Leeuw, waarvan vooral de zij- en achtergevels in het gebouw opgenomen werden. De voorgevel werd nieuw, in Lodewijk XVIstijl, opgetrokken. Het interieur is - geheel in overeenstemming met de religieuze opvattingen van de Doopsgezinden - zeer sober. De preekstoel van de schrijnwerker Wajon is een knap stuk werk. De opstelling van een `vrouwenblok' in het midden en mannenbanken rondom is een overblijfsel uit de tijd van de vervolgingen, zegt men.